Het openleercentrum

Op 21 december 2007 werd in onze school het gloednieuwe openleercentrum geopend.
Ine Lammertijn  en haar studiegenote Annelore Willems leidden met een heerlijke speech de officiële opening in.
Ine studeerde bij ons af in 2005 (afdeling Latijn - Moderne Talen). Ze koos voor Nederlands -Duits aan de Gentse universiteit en zit nu in haar 3de Bachelor. Voor het vak 'Nederlandse taalvaardigheid' moest ze samen met Annelore een speech geven tijdens een officiële plechtigheid.
Voor beide dames was dit dus de ideale gelegenheid om, in aanwezigheid van Mevr. Els Dierick, assistente van Professor Johan De Caluwe, hun opdracht uit te voeren.
Ze kweten zich uitstekend van hun taak.
Daarna opende Mevr. Anne Machiels, directeur van het Atheneum, het nieuwe Openleercentrum op waardige, plechtige en officiële wijze.

Met dit project geeft de school de aftrap voor een vernieuwde onderwijsmethode, die zelfstudie en brongebruik centraal stelt.

Comenius

Enkele jaren geleden trad het Koninklijk Atheneum toe tot het internationale Comeniusproject. Dit project is genoemd naar de 17e-eeuwse Tsjechische filosoof, theoloog en pedagoog, Jan Amos Comenius.
Comenius was één van de eerste pleitbezorgers van een gedegen basisvorming voor alle leerlingen. Hij vond dat onderwijs “alles aan allen moest leren, ongeacht hun leeftijd, afkomst en geslacht”. Daarnaast geloofde hij stellig in een onderwijsmethode die zelfwerkzaamheid en zelfstandig leren (na)denken centraal stelde. Dit leerlinggerichte onderwijs beschreef hij in zijn bekendste werk “Orbis pictus” (1658), waarin hij leerlingen motiveerde zelf hun visie op en kennis over de wereld uit te breiden.
In navolging van deze geleerde, is sedert enkele jaren een Comeniusproject gestart, dat zich over heel Europa vertakt. Dit project richt zich vooral op het verkleinen van kloven tussen volkeren en generaties door uitwisselingsprojecten en contacten tussen verschillende scholen. Ook heeft het een onderwijsvernieuwing voor ogen, die het ideaal van Jan Amos Comenius volledig weerspiegelt. Met de oprichting van het openleercentrum geeft de Voskenslaan te kennen dat zij deze leerlinggerichte onderwijsmethode steunt en er vertrouwen in heeft.

Van stoffige bibliotheek naar dynamisch informatielandschap

Meer dan 25 jaar na de oprichting van een bibliotheek, wilde de Voskenslaan deze ruimte nieuw leven inblazen door de inrichting van een openleercentrum. De slogan van het Comeniusproject indachtig, is deze bibliotheek nu daadwerkelijk “van stoffige bibliotheek naar dynamisch informatielandschap” geëvolueerd: de oude  boeken zijn de deur uit en hebben plaats gemaakt voor moderne werken, computers verbonden met internet zijn klaar voor gebruik, het lokaal is ruim en helder en er is steeds een begeleider ter plaatse om leerlingen (en leerkrachten) te helpen. De volgende twee foto’s maken de transformatie zeer zichtbaar.

“Stoffige bibliotheek”

“Dynamisch informatielandschap”

Het openleercentrum is een plaats waar leerlingen in een rustige atmosfeer kunnen werken, zowel individueel als in groep. Ze kunnen hier tijdens hun vrije uurtjes terecht, maar ook na school blijft het lokaal nog even open. Op die manier geeft de Voskenslaan aan iedere leerling de kans hier gebruik van te maken. Groepswerken zullen zo gemakkelijker en leuker worden om te organiseren. Daarnaast biedt de school leerlingen die thuis geen internetaansluiting hebben, de mogelijkheid toch op een snelle manier aan informatie te geraken.

Leerlingen leren leren

Met de oprichting van het openleercentrum heeft de Voskenslaan twee grote doelen voor ogen.
De eerste en belangrijkste doelstelling is het creëren van het Begeleid Zelfstandig Leren (BZL).
Deze onderwijsvernieuwing is een gevolg van de veranderende eisen tijdens hogere studies en in het latere beroepsleven. 
Jongeren (en volwassenen) moeten meer en meer in staat zijn om eigen visies en meningen te formuleren, initiatief te nemen, zichzelf te “onderrichten”,…
Waar vroeger het afdreunen van theorie het sleutelbegrip was, is nu een eigen leermethode en praktische toepassing onontbeerlijk. Jongeren moeten leren zelfstandig beslissingen nemen en leertaken uitvoeren. De rol van de leerkracht in dit alles is die van leerkracht-coach. Net zoals sportcoaches moeten ze de leerling stimuleren en motiveren, zonder het voor hem/haar te doen. Op die manier geven ze hen meer verantwoordelijkheid en kunnen de leerlingen zelf uitzoeken op welke manier zij het best leren.
Kortom, in het openleercentrum zullen de leerkrachten de leerlingen “helpen zich zelf te helpen”: ze leren de leerlingen leren.

Een tweede doelstelling van het openleercentrum, is het leren omgaan met bronnen.
De enorme berg aan informatie die we tegenwoordig over ons heen krijgen, is een zegen, maar kan ook een bedreiging vormen voor hen, die dit niet kunnen verwerken. Toch is dit net de vereiste om te slagen in het hoger of universitair onderwijs. In het openleercentrum moeten de leerlingen, met behulp van hun leerkracht, hierin een zekere handigheid verwerven door oefening en ondervinding.
Ook leren de leerlingen in het openleercentrum omgaan met de Informatie- en Communicatietechnologieën (ICT). Dit omvat alles wat met computers, informatiesystemen en telecommunicatie te maken heeft en is, ondanks de grote populariteit, niet voor iedereen gekend terrein. Vaak weten leerlingen wel hoe ze moeten surfen, chatten en mailen, maar wanneer ze gericht naar informatie op zoek gaan, gaat het wel eens fout. Gegevens opzoeken d.m.v. moderne technologieën vereist oefening en ervaring, die de leerlingen onder begeleiding kunnen verkrijgen in het openleercentrum.

Het openleercentrum heeft nog andere voordelen. Leerlingen komen via internet (en gerichte opdrachten van de leerkracht) in contact met sites van over heel de wereld. Dit verruimt niet alleen hun blik, maar vereist ook een zekere talenkennis en taalvaardigheid.

Niet alleen de leerlingen hebben baat bij een openleercentrum. Ook voor de leerkrachten kan dit een bron van informatie en vernieuwing zijn. Als leerkracht-coach wordt de leerkracht geacht zelf ook bekwaam te zijn in de nieuwste technologieën en opzoekingsmethoden. Van sommige leerkrachten zal dit wat aanpassingsvermogen vragen, maar niemand twijfelt eraan dat zijzelf en hun leerlingen hier op langere termijn de vruchten van zal kunnen plukken.

Doordat in een openleercentrum een nauwe samenwerking tot stand komt tussen leerling en leerkracht, zal na verloop van tijd de kloof tussen leerkracht en leerling niet meer zo groot zijn. In een openleercentrum staan beiden namelijk als het ware op gelijke voet: ze wisselen meningen uit, leren elkaar technieken aan,…. Leerlingen en leerkrachten praten met elkaar en luisteren naar elkaar, waardoor het wederzijds respect groeit en de sfeer op school alleen maar kan verbeteren.    

Verschillende openleercentra, dezelfde werkwijze?

Er valt op de werkwijze in een openleercentrum moeilijk een etiket te plakken. Dat komt omdat het door verschillende instanties gebruikt kan worden. De volgende voorbeelden illustreren dat:

Het openleercentrum van de Hogeschool Gent. Dit openleercentrum, dat zich op de campus van de Voskenslaan bevindt, zou tegen september 2008 af moeten zijn. Het gaat om een restaurant, een multimediacentrum en een moderne bibliotheek met allerlei faciliteiten. De studenten krijgen er ook een forum met kantoren voor hun verenigingen en de docenten beschikken over ruimte voor onderzoek. Alles onder één dak.
 Voor foto’s en meer informatie: http://www.hogent.be/grotewerken/
In de gevangenissen van Brugge, Ruislede en Ieper kunnen gedetineerden voortaan les volgen in een openleercentrum. Op die manier wil men de doelgroep van de laaggeschoolden bereiken. De bedoeling is dat gedetineerden zelfstandig en op hun eigen tempo studeren. Ze worden hierbij begeleid door medewerkers van de Centra voor Basiseducatie. Het aanbod bestaat uit Nederlands, wiskunde, computerlessen, maatschappijoriëntatie, theorie rijbewijs en de talen Frans en Engels.

Het openleercentrum voor avondonderwijs van de PCVO Gent. Hier wil men via bijkomende oefeningen inspelen op de individuele verschillen van de cursisten. Er wordt ook steeds voorzien in begeleiding door een lesgever of vrijwilliger. De opleiding bestaat uit informatica en/of Nederlands. In dit openleercentrum kunnen de cursisten ook terecht voor vragen over Tax-on- web.
 Meer informatie vindt u op de site: http://www.pcvo-gent.net/index.php?id=318

Meer weten?

Indien u nog meer informatie wenst over een openleercentrum en zijn specifieke doel en/of werkwijze :

“Didactiek van het open leercentrum. Begeleid zelfstandig leren implementeren”, Dirk Gombeir en Peter van Petegem (red.).Wolters Plantyn, Mechelen, 2007.
Het boek “Didactiek van het open leercentrum” bestaat uit vier grote delen. In deel één laat men de lezer kennis maken met het openleercentrum. Dat doet men aan de hand van een concreet voorbeeld. Het tweede deel staat in het teken van voorbeelden die het begeleid zelfstandig leren moeten versterken. Daarnaast illustreert men hoe de functie van de leerkracht een andere inhoud krijgt. Deel drie gaat verder in op de materiële vereisten voor een openleercentrum en deel vier toont de implicaties voor het schoolbeleid.
“Begeleid zelfstandig leren in het talenonderwijs”, Lies Sercu, Leen Pil en Christine Vyncke (red.). Wolters Plantyn, Mechelen, 2007.
De moderne leerling moet zelfstandig leren werken en dat brengt een grote verantwoordelijkheid met zich mee. Zo moet de student weten wat zijn sterke en zwakke punten zijn, inzicht verwerven in de manier waarop hij de leerstof moet leren, weten wat hij moet bereiken met deze leerstof en begrijpen hoe hij zijn kennis en kunde kan bewijzen. Om het allemaal draaglijk te maken, krijgt de student de hulp van een begeleider of leerkracht. Hoe u precies kan helpen, kunt u lezen in het boek “Begeleid zelfstandig leren in het talenonderwijs”.
“Anders evalueren. Assessment in de onderwijspraktijk”, Filip Dochy, Wouter Schelfout en Steven Janssens (red.). LannooCampus, Leuven, 2003.
Er heeft een tijd bestaan waarin onderwijs slechts één doel had: het overdragen van kennis. In die tijd was evalueren relatief eenvoudig: ofwel kent de student de leerstof, ofwel niet. Tegenwoordig is de visie op het onderwijs grondig veranderd. Zo moeten studenten technieken leren om te overleven in het informatietijdperk. Iedereen zal in deze snel evoluerende kennismaatschappij zijn hele leven lang moeten studeren. Dat houdt tevens in dat zelfstandig leren een noodzakelijke vaardigheid is geworden. Het boek “Anders evalueren. Assessment in de onderwijspraktijk” biedt een praktische leidraad om de evaluatie aan te passen aan deze gewijzigde onderwijsvisie.