De stille, veelzeggende getuigen 'Flanders Fields'

Het schooljaar loopt op zijn einde en in het programma 'Geschiedenis' van de vijfdes nadert de bespreking van WO I.

Daarom bezochten alle leerlingen van het vijfde jaar net voor de paasvakantie het 'In Flanders Fields Museum' (IFFM) in Ieper.

Tijdens de zorgeloze zomer van 1914 barst één van de meest verwoestende conflicten uit de wereldgeschiedenis los.
Een euforisch Europa trekt ten strijde. Voor de eer, voor het vaderland, voor duistere belangen op verborgen politieke agenda’s. Elke partij met God en het Grote Gelijk aan haar zijde. Vier jaar en vele miljoenen slachtoffers later, keert de hele “beschaafde” wereld met een schok tot de werkelijkheid terug. Er weerklinkt een dure eed: “Nooit meer oorlog”. Maar de wraakzuchtige vredesbepalingen zaaien de kiem voor een nieuwe wereldbrand.

Aan de uitgang van het IFFM staat een machteloze stille getuige: een bord dat het aantal grote gewapende conflicten sinds 1918 bijhoudt.
Het zijn er al meer dan honderd. De verf lijkt nooit helemaal droog. Dit museum is meer dan een bezoek waard. Zoals voor elke Engelse leerling is dit eveneens voor alle Vlaamse scholieren een 'must', een plicht.

'In Flanders Fields' wil zijn bezoekers confronteren. Met het verleden, maar ook met het heden. Met de oorlog, maar ook met de hoop op vrede. Het verhaal van één “groote oorlog” en de persoonlijke getuigenissen van honderden “kleine mensen” smelten er samen tot een aanklacht, een waarschuwing, een belevenis die tot nadenken stemt. Nu en straks : het IFFM herbergt het geheugen van de toekomst.

Het bezoek aan Ieper omvatte twee luiken:

  1. Een bezoek aan de permanente tentoonstelling in het IFFM (met opdracht)
  2. Een rondrit met de bus, onder begeleiding van een gids, in de streek rond Ieper. Het bezoek aan de kerkhoven werd uitgebreid met 'de vluchtroute' die de mensen volgden bij het uitbreken van WO I. Deze tocht bracht de leerlingen tot in Noord-Frankrijk.

Het landschap en de begraafplaatsen rond Ieper zijn als het ware de “laatste getuigen”.

De eerste halte bevond zich langs de kanaaldijk tussen Ieper en Boezinge. Naast deze Britse begraafplaats bevindt zich de site John McCrae, de dichter van het beroemde gedicht ‘In Flanders Fields’.

‘ In Flanders fields the poppies blow
Between the crosses, row on row,
That mark our place; and in the sky
The larks, still bravely singing, fly
Scarce heard amid the guns below.’


De leerlingen brachten ook een bezoek aan de beroemde Duitse begraafplaats in Langemark. Onder de doden die hier begraven liggen, bevinden zich zo’n 3000 vrijwilligers die stierven tijdens de Duitse bestorming op Langemark in het najaar van 1914. Door het grote aantal studenten onder deze vrijwilligers, kreeg de begraafplaats de naam ‘Studentenfriedhof’.

Naast Hooglede, Menen en Vladslo ( met het beroemde beeldhouwwerk ‘Het treurende ouderpaar’ van Käthe Kollwitz ) is Langemark de vierde Duitse begraafplaats in Vlaanderen. Hier roept de beeldengroep ‘Vier treurende militairen’ van Emil Krieger op tot bezinning.

We beëindigden deze ingetogen rondrit met een bezoek aan Tyne Cot Cemetry te Zonnebeke, de grootste Britse militaire begraafplaats in Europa. De begraafplaats is een gevolg van de moordende ‘Slag van Passendale’ (1917). Op de muur achteraan staan de namen gegrift van 34.957 vermiste soldaten. De overige namen van vermisten vindt men op het Menenpoort Memoriaal in Ieper waar nog elke avond om 20u. ‘The last Post’ weerklinkt. Een korte maar ontroerende plechtigheid.

Alweer een boeiende dag in het kader van de lessen geschiedenis !