Carmina Burana : een onvergetelijke avond !

'Leven heeft niets te maken met ademen maar alles met de momenten die ons de adem benemen', zei iemand me onlangs.

Begin oktober beleefden talrijke van onze leerlingen zo'n momenten vol kippenvel tijdens de opvoering van de Carmina Burana van Carl Orff in het Kuipke.

De middeleeuwse liederencyclus uit het beroemde handschrift van het klooster Benediktbeuren werd in de 12de en 13de eeuw door zwervende studenten en gewezen geestelijken geschreven.

 

In de kloosterbibliotheek van Benediktbeuern (in het Latijn: buranum) in de Beierse Alpen werd in 1804 een middeleeuws manuscript ontdekt met de teksten (dikwijls voorzien van muzikale annotaties) van ruim 200 profane liederen. De liederen werden in de 12de en 13de eeuw door anonieme auteurs uit diverse landen samengesteld. De taal van de meeste teksten is het (middeleeuws) Latijn, maar er zijn ook enkele liederen in het Middelhoogduits en in het Provençaals, soms zelfs in een combinatie van die talen. Belangrijke thema’s zijn de ontluikende natuur, kritiek op de wereldlijke en kerkelijke overheid en verheerlijking van het vrije leven vol drank, gokspelen, seks en liefde: In taberna quando sumus, non curamus quid sit humus: wanneer wij in de kroeg zitten, is ons leven zorgenvrij …

De anonieme dichters en muzikanten van de Carmina Burana vormen een heel geromantiseerde groepering van intellectuelen (studenten en geestelijken) die zonder vaste verblijfplaats, aan de rand van de samenleving, hun stem wensten te verheffen, al dan niet maatschappijkritisch of spottend, beschouwend of lofprijzend. Men noemt hen vaganten (van het Latijn vagari, 'rondzwerven'). Ze hadden duidelijk een literair-muzikale achtergrond, waren vertrouwd met Latijnse dichters als Ovidius, Horatius en Juvenalis en op de hoogte van bijbelse thema's, kerkelijke gebruiken en ook wantoestanden.

Het manuscript van de Carmina Burana werd voor het eerst gepubliceerd in 1847 door de Duitse germanist Johann Andreas Schmeller (1785-1852), die aan de liederen ook hun huidige naam toekende. Toch kregen de liederen pas 90 jaar later grote bekendheid door de bewerking van Carl Orff. In de jaren 1935 - '36 selecteerde Orff er een aantal en componeerde hij er zijn eigen muziek op.

Meer dan vierduizend toeschouwers genoten van een fantastisch muziekspektakel en zagen hoe Bart Van Reyn op schitterende wijze de Belgische Kamerfilharmonie en het koor dirigeerde. Dat 200-koppig koor, bestaande uit o.a. studenten van de Hogeschool Gent, de Hogeschool Artevelde en de Gentse universiteit, zongen die aangrijpende verzameling studentenliederen vol oprechte ontroering.

Onze aanwezige leerlingen waren ingegaan op het lovenswaardige initiatief van de vakgroep Klassieke Talen. Net als vorig jaar is het de bedoeling van die vakgroep om de leerlingen te laten proeven van de waarde van de antieke cultuur voor de hedendaagse kunst. De klassieke canon is vandaag de dag immers vaak de inspiratiebron voor vele kunstenaars.

Als aanvulling op de lessen Grieks en Latijn wordt aan de leerlingen een aantal extra muros activiteiten aangeboden ( zeer uitgebreid en gevarieerd met voordrachten, theatervoorstellingen, opera's en concerten). Thema's die in de les aan bod komen kunnen op die manier worden uitgediept of op een intrigerende wijze worden beleefd en gekoesterd.

Over die eerste beklijvende avond, vanaf het imposante beginlied 'O Fortuna' tot aan de gelijknamige slotzang, waren onze leerlingen het roerend eens : dit was een grootse avond die hen binnenleidde in een wereld vol schoonheid.

' 'O fortuna' kende ik wel, net als de halve wereldbevolking, vermoed ik, maar de andere liederen kende ik niet. Aangezien 'Carmina Burana' een uiterst bekende opvoering is, vond ik dat ik het volledige muziekstuk minstens één keer live moest gehoord hebben. En wat ik die woensdagavond hoorde, was ronduit prachtig...

De muziek was meesterlijk, de dirigent ging helemaal op in het stuk en het gezang deed menig hart sneller slaan. Maar misschien nog specialer dan het lichtspel en de muziek zelf, was de ongelooflijke kracht die uitging van het reusachtige koor en orkest en die je overmeesterde. De tijd is werkelijk voorbijgevlogen, maar hopelijk kan ik het ooit nog eens allemaal herbeleven.

En nu Agamemnon.'

Laurent De Moerlose (6LWi)

' Een geweldige opvoering van een overweldigend stuk!'

Gil Malengreaux (6LWi)

Een pluim voor Mevr. K. Meerhaeghe (lerares Grieks) van de vakgroep Klassieke Talen voor het aanbieden van die bronnen van innerlijke verrijking.

Kunst omdat het moet. Kunst omdat onze school het verschil maakt.